Verlof buiten de schoolvakanties

Extra verlof om bijvoorbeeld buiten het drukke seizoen op vakantie te gaan of
om langer bij familie in het buitenland te kunnen blijven, is niet mogelijk. Dit is
opgenomen in de Leerplichtwet waaraan iedere onderwijsinstelling zich dient te
houden in Nederland.

De Leerplichtwet 1969 (Lpw) regelt onder meer het verlenen van verlof buiten de
schoolvakanties. In 1994 is de Leerplichtwet grondig herzien en op onderdelen
aangescherpt.

Hieronder treft u aan onder welke voorwaarden de wet wel extra verlof toestaat:

Vakantieverlof
Een aanvraag voor vakantieverlof ex artikel 13a Lpw dient minimaal 4 weken van
tevoren aan de conrector van de school te worden voorgelegd: schriftelijk, dus
niet via mail.

Verlof kan worden verleend indien:
• wegens de specifieke aard van het beroep van een van de ouders het niet
mogelijk is om tijdens de schoolvakanties op vakantie te gaan;
• een werkgeversverklaring wordt overlegd waaruit blijkt dat verlof binnen de
schoolvakantie niet mogelijk is.
Vakantieverlof mag:
• één maal per schooljaar worden verleend;
• niet langer duren dan 10 schooldagen;
• niet plaatsvinden in de eerste twee lesweken van het schooljaar.

Gewichtige omstandigheden 10 schooldagen per schooljaar of minder
Een aanvraag voor verlof in geval van gewichtige omstandigheden (omstandigheden gelegen buiten de wil van leerling en ouders) ex artikel 14, lid 1 Lpw voor 10 schooldagen per schooljaar of minder, dient vier weken van tevoren, of als dit niet mogelijk is uiterlijk
twee dagen na ontstaan van de verhindering aan de afdelingsleider te worden voorgelegd.

Gewichtige omstandigheden:
a. het voldoen aan een wettelijke verplichting, voor zover dit niet buiten de lesuren kan geschieden;
b. verhuizing (ten hoogste 1 dag);
c. het bijwonen van het huwelijk van bloed- of aanverwanten 2e t/m 3e graad (1 of ten hoogste 2 dagen, afhankelijk of dit huwelijk wordt gesloten in of buiten de woonplaats van belanghebbende);
d. ernstige ziekte van ouders of bloed- of aanverwanten t/m de 3e graad (duur in overleg met de directeur);
e. overlijden van bloed- of aanverwanten in de 1e graad (ten hoogste 4 dagen); van bloed- of aanverwanten in de 2e graad (ten hoogste 2 dagen); van bloed- of aanverwanten in de 3e of 4e graad (ten hoogste 1 dag);
f. het 25-, 40- en 50-jarig ambtsjubileum en het 121/2-, 25-, 40-, 50- en 60-jarig
huwelijksjubileum van ouders of grootouders (1 dag);
g. andere naar het oordeel van de directeur belangrijke redenen, maar geen vakantieverlof.

Geen redenen voor verlof:
• familiebezoek in het buitenland;
• vakantie in een goedkope periode of in verband met een speciale aanbieding;
• het ontbreken van andere boekingsmogelijkheden;
• een uitnodiging van vrienden of familie om buiten de normale schoolvakantie op vakantie te gaan;
• eerder vertrek of latere terugkeer in verband met (verkeers-)drukte;
• als kinderen uit uw gezin op een andere school zitten en al vrij hebben.

Gewichtige omstandigheden meer dan 10 schooldagen per schooljaar
Een aanvraag voor verlof in geval van gewichtige omstandigheden ex artikel 14, lid 3 Lpw voor meer dan 10 schooldagen per schooljaar dient door de aanvrager minimaal 4 weken van tevoren aan de leerplichtambtenaar van de woongemeente te worden voorgelegd. Over het algemeen zal er sprake zijn van een medische of sociale indicatie en geldt dat een verklaring van een arts of sociale instantie noodzakelijk is waaruit blijkt dat verlof nodig is.

Plichten voortvloeiend uit godsdienst of levensovertuiging 
Een beroep op vrijstelling wegens vervulling van plichten voortvloeiend uit godsdienst of levensovertuiging, ex artikel 13 Lpw, kan slechts worden gedaan indien daarvan uiterlijk twee dagen vóór de verhindering aan de directeur kennis is gegeven.

Ongeoorloofd verzuim
Verlof dat wordt opgenomen zonder dat daar toestemming voor is verleend door de conrector of de leerplichtambtenaar wordt aangemerkt als ongeoorloofd schoolverzuim. De afdelingsleider is verplicht dit aan de leerplichtambtenaar te melden. Tegen ouders die hun kind(eren) zonder toestemming van school houden kan proces-verbaal worden opgemaakt.

Bezwaar en beroep
Als u het met een genomen besluit niet eens bent, kunt u binnen zes weken na dagtekening een gemotiveerd bezwaarschrift indienen bij de conrector (in geval van een verlofaanvraag voor tien schooldagen of minder) of de leerplichtambtenaar van uw woongemeente (in geval van een verlofaanvraag voor meer dan tien schooldagen). Deze neemt uw aanvraag dan opnieuw in overweging en stelt u op de hoogte van het al dan niet herziene besluit.
Het bezwaarschrift moet ondertekend zijn en tenminste het volgende bevatten:
• naam en adres van de belanghebbende;
• de dagtekening;
• een omschrijving van het besluit waartegen het bezwaarschrift is gericht;
• de gronden van het bezwaar;
• een volmacht, als het bezwaar niet door de belanghebbende maar, namens hem, door een ander wordt ingediend.

Tegen de beslissing volgend op een bezwaarschrift kunt u op grond van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) binnen zes weken na dagtekening schriftelijk beroep aantekenen bij de:
Arrondissementsrechtbank,
Sector Bestuursrecht,
Postbus 20302,
2500 EH Den Haag.

Bovendien kunt u, in samenhang met de indiening van een beroepschrift, de President van de Arrondissementsrechtbank, Sector Bestuursrecht, om een voorlopige voorziening verzoeken. Griffierecht is dan verschuldigd.

Ambtenaar leerplichtzaken
Mw. H. Peters,
Gemeente Zoetermeer,
Welzijn/leerplicht,
Postbus 15,
2700 AA Zoetermeer.

Informatie
Indien u nog vragen hebt, kunt u zich richten tot de conrector.