Onderbouw

Op het Picasso Lyceum kun je terecht voor een gymnasium-, atheneum-, havo- en TOPmavo-opleiding. Met het advies van de basisschool kun je bij ons beginnen op vwo, havo- of mavoniveau. Ook kun je starten in het gymnasium. Heb je bijvoorbeeld een havo-advies, maar ben je goed in Engels, dan mag je dat vak op vwo-niveau gaan doen. Dat bespreek je samen met je ouders in je intakegesprek.

Mevrouw Van Gameren is de conrector voor het eerste leerjaar. Met haar krijg je als nieuwe leerling veel te maken. We gaan samen met jou en je ouders bekijken welk soort onderwijs het best bij je past. Voor de andere leerjaren zijn meneer Straathof en mevrouw Van der Vlist de conrectoren.

Naast de gewone lessen zijn er excursies naar bijvoorbeeld musea in Leiden, Amsterdam en Den Haag. We doen ook verschillende projecten zoals Europa Ja! (over de landen van de Europese Unie) en De Stad (over het ontstaan van steden in de Middeleeuwen). Bij projecten werken verschillende vakken een lange tijd samen. De Picasso Olympiade, met onderdelen van de Olympische Spelen uit de Oudheid, vormen een sportieve afronding van het schooljaar.

Aan het eind van het tweede leerjaar brengt de docentenvergadering een advies uit je verdere route: ga je straks een mavo-, havo- of vwodiploma halen? En misschien ga je wel eerder examen doen of voor een paar vakken op een hoger niveau?

 

Welke vakken krijg je nu eigenlijk?
Natuurlijk heb je in groep 8 al het nodige gehoord over de vakken die je in de brugklas gaat volgen. Of je pa of ma weet zo ongeveer wel te vertellen wat biologie is. Toch zijn er ieder jaar weer de gebruikelijke misverstandjes en vragen. Is kennis der natuur nou wel of niet hetzelfde als natuurkunde? (Nee hoor.) Is wiskunde nou wel of niet hetzelfde als rekenen? (Ook nee.) Waarom heet gymnastiek nou ineens l.o. oftewel lichamelijke opvoeding? (Tja…) En krijg je in de brugklas al Duits? (Alweer nee.)

Hoog tijd dus voor een korte kennismaking met de vakken die je straks in de brugklas gaat krijgen. Hopelijk krijg je door deze korte tekstjes een duidelijker idee van wat ieder vak inhoudt. Op open dagen kun je dan mooi eens kijken hoe op die school of locatie de brugklas precies in elkaar steekt. Je begrijpt natuurlijk wel dat je in een paar regeltjes niet alles kunt vertellen. Volgend jaar, in de brugklas, merk je natuurlijk pas echt wat er allemaal bij zo’n vak aan de orde komt. Maar toch, een duidelijke start is het wel. En je pa, ma, oom of tante of de buren kunnen het natuurlijk altijd aanvullen!

Hier komen ze, op alfabetische volgorde.

Aardrijkskunde
In de brugklas zijn we vooral bezig met de atlas en kaarten. We kijken vooral naar de vele landschappen. Een ander onderwerp waar we mee bezig zijn is de verdeling van de bevolking over de aardbol.

Biologie
Wat is leven? Wat is een levend wezen? Wat zijn de kleinste onderdelen van een levend wezen? We gaan een antwoord zoeken door allerlei proefjes en onderzoekjes (bv met een microscoop) uit te voeren. Ook over het menselijk lichaam ga je in de brugklas het een en ander leren.

Coaching
Elke week heb je tijd met je coach om te kijken hoe het met je gaat en wat jij nog moet leren om beter je doelen te halen. De coach is vergelijkbaar met je eigen meester of juf in groep 8. Hij (of zij) is je gids door het schooljaar. Alleen zie je deze coach niet de hele dag maar wel elke dag. Je begint namelijk elke dag samen met de leerlingen die bij je in de groep zitten met een dagstart!

Engels
Natuurlijk hebben jullie in groep 7 en 8 al Engels gehad. Die kennis die jullie al hebben opgedaan, daar gaan wij mee door. De leraar/lerares zal veel Engels spreken in de klas. En jullie gaan ook gesprekjes in het Engels voeren. En natuurlijk ook woordjes en grammatica leren.

Frans
In de brugklas leer je bij Frans vertellen waar je vandaan komt en wat je hobbies zijn. Ook leer je iets bestellen in een restaurant en naar de weg vragen. Reuze handig als je met vakantie naar Frankrijk gaat! Verder leer je ook nog begrijpen wat er terug gezegd wordt. En natuurlijk leer je ook hoe je dit alles in het Frans schrijft en de grammatica (zoals bij alle talen).

Geschiedenis
In de brugklas beginnen wij met het behandelen van de periode van Jagers en Verzamelaars, vervolgens kijken wij naar de Egyptenaren, Grieken, Romeinen en de vroege Middeleeuwen. Wij gaan dieper in op de Egyptenaren, Grieken en Romeinen tijdens de speciale Oudheiddag. Tijdens de lessen geschiedenis zie je veel filmbeelden, hoor je verhalen en ga je actief aan de slag met spannende opdrachten!

Handvaardigheid
Denk na over een opgegeven onderwerp, bv vrolijke dieren en geef je gedachte vorm in een driedimensionaal beeld. Een beeld van hout, klei, karton of soldeer het met ijzerdraad.

Informatiekunde
Veel leerlingen kunnen al werken met een tekstverwerker of weten hoe ze een website moeten zoeken op internet. Bij informatiekunde ga je dit en nog veel meer,  zoals het maken van spreadsheets en powerpoints,  heel goed in je vingers krijgen. Dat is wel zo handig voor al die andere schoolvakken. Natuurlijk besteden we ook veel tijd aan digiveiligheid.

Latijn

Latijn is de taal van de Romeinen. Naast de taal leer je ook veel over de cultuur. Zo weet je in Rome veel van de monumenten die je daar tegenkomt. Latijn wordt alleen op het gymnasium gegeven.

 Lichamelijke Opvoeding
Het heet geen gymnastiek meer, maar lichamelijke opvoeding. Het is een echt vak net zoals bijvoorbeeld Engels of wiskunde. Je leert heel veel op het gebied van atletiek, turnen, basketbal, volleybal en nog veel meer. In de brugklas wordt bijna elke sport afgesloten met een onderling brugklassportdag.

Muziek
In de brugklas ga je spelen op muziekinstrumenten (onder andere gitaar en drumstel), je gaat zingen en dat betekent heel gezellig muziek maken. Maar ook leer je luisteren naar muziekinstrumenten. Hoe klinkt nou eigenlijk een viool en een luit?

Nederlands
Nederlands in de brugklas lijkt veel op taal in groep 8. Er wordt dus veel gedaan aan spelling, ontleden (grammatica) en tekstverklaren. Ook lezen we boeken en moet er een leesverslag worden gemaakt.

Techniek
We leren hoe gereedschap heet, maar natuurlijk ook hoe je ermee werkt. Je leest technische tekeningen om werkstukken te kunnen maken, zoals bijvoorbeeld een agendaklem. Je leert dus veel door doen maar je hebt ook een leesboek om meer te weten te komen over de techniek om je heen.

Tekenen
Tuurlijk, een vel papier, (kleur)potlood en tekenen maar. Toch? Jawel, maar het tekenen in het de brugklas gaat verder. Je verdiept je in de begrippen die je leert en in de opdrachten zelf. Je leert met verf om te gaan en andere materialen. Je drukt dingen uit op je eigen manier en creëert zo je eigen leefomgeving en je eigen wereld.

Wiskunde
Wat is wiskunde? Het is geen rekenen maar wat dan wel? Tja. Ruimtefiguren worden bekeken, zoals de kubus en de piramide en platte figuren zoals de rechthoek en de ruit. En je gaat wel rekenen, maar dan met letters en mingetallen en woordformules. Is het nog niet helemaal duidelijk? In de brugklas wordt dit mysterie door de wiskundeleraar vast opgelost!

Duits?
En hoe zit het nou met Duits? 
Nee, Duits krijg je nog niet in de brugklas, dat komt pas in het tweede leerjaar. Dan krijg je ook natuurkunde en Grieks op het gymnasium.